Conflictbeheersing bij wedstrijden
Het jeugdbestuur heeft een aantal richtlijnen en gedragsregels opgesteld. Gezond verstand, in combinatie met je bevoegdheden als leider, staat uiteraard voorop.
Indien je als jeugdleider of jeugdtrainer vragen hebt of een aanvulling wilt geven, vernemen wij dat graag.
Belangrijke taken van de leiders:
Wees je ervan bewust dat je een voorbeeldfunctie hebt. Bij onprofessioneel gedrag van jezelf verlies je het recht om je spelers te corrigeren.
Blijf zelf rustig en spreek zonder stemverheffing; daarmee kalmeer je de spelers.
Wijs spelers erop geen vervelende en/of bijdehante opmerkingen te maken tegen spelers die over de kook zijn.
Spreek toeschouwers aan op misdragingen of meld deze bij de scheidsrechter.
Bij een conflict tussen spelers houden anderen zich afzijdig om escalatie te voorkomen.
Alleen spelers en begeleiding mogen zich binnen de veldafscheiding en in de dug-out bevinden.
Treed op tegen toeschouwers die niets te zoeken hebben bij een conflict.
Laat eigen spelers niet tegelijk met de tegenstander naar de kleedkamers gaan.
Begeleid spelers snel naar hun kleedkamer en blijf erbij.
Zorg dat spelers in de kleedkamer blijven totdat de tegenstander vertrokken is of de gemoederen bedaard zijn.
Grijp in bij spelers die conflicten veroorzaken of uitlokken.
Indien een conflict uit de hand loopt, stuur iemand naar de bestuurskamer om ervaren hulp in te roepen.
Rapporteer conflicten aan het jeugdbestuur.
Neem de scheidsrechter in bescherming en val hem niet af in het bijzijn van je spelers.
De bestuurskamer is de aangewezen plek om een discussie met de scheidsrechter te voeren.